Misselijkheid

28 February 2007 over Kleine mensjes

Voor de mensen die denken weeral-over-zwangerschap: het zal ooit wel weer over iets anders gaan. :-) Gewoon overslaan nu!

Dit berichtje heb ik klaar gezet toen ik een week of 10 zwanger was.

Ik mag eigenlijk niet klagen, denk ik dan. Ik ben de hele dag door misselijk maar ik moet tenminste niet overgeven. Nog geen één keer heb ik overgegeven. Wat niet wegneemt dat ik de hele dag wel misselijk ben. Vreemd – en ook wel een beetje tegenstrijdig is – om de misselijkheid te laten overgaan moet je eten. Jawel, eten tegen misselijkheid.

Maar eten is iets raar. Ik heb nergens zin in en de gedachte aan bepaald voedsel doet me mijn neus optrekken. Eens ik aan het eten ben gaat het beter. En na een uur of twee word ik dan weer misselijk en ik moet dan weer iets eten. Rijstkoeken zijn mijn bondgenoot. Vrijwel smakeloos, wel iets in de maag, weinig of geen calorieën. Pakken eet ik er van tegenwoordig.

“Vreemde goestjes” heb ik dus niet echt. “Vreemde degoustjes” daarentegen…

Sowieso kan je me met warm voedsel niet straffen. Maar broodjes daarentegen… Vervelend feit is wel dat ik nogal veel op broodjes (of koude maaltijden) aangewezen ben op het werk of voor de gemeenteraad. Jakkie. Op zoek gaan naar alternatieven is zeer moeilijk. Bovendien ben ik niet immuun voor toxoplasmose dus broodjes met sla tussen mag ik al helemaal vermijden. Of de sla er van tussen vissen. En dan een beetje paranoia rondkijken of de vrouwen aan tafel nog niks doorhebben.

En verder: koffie is slecht! Lang leve pickles!

Update: de misselijkheid blijft nu weg maar mijn vreemde afkeur voor eten blijft. Niet zo erg: nog geen kilo bijgekomen!







9 reacties op “Misselijkheid”

  1. Tjoff zegt:

    ‘t Lijkt één grote lijdensweg als ik het zo lees.
    Gelukkig is het maar tijdelijk he.

  2. Lien zegt:

    Valt best mee zulle. Ik moet niet kotsen, hé. Dat lijkt me pas een lijdensweg.

  3. Eve zegt:

    Ge zijt dus één van de super-zwangeren.
    Met alle kwaaltjes en al er bij!
    (PS ik ben steeds enthousiast over zwangerschapsberichten)

  4. Lien zegt:

    Maar néén! Ik heb helemaal niet veel kwaaltjes! Ik was alleen een beetje misselijk en wat vermoeid. Dat valt toch mee? Ge hebt het niet eens gemerkt aan mij!

  5. betty spencer zegt:

    Proficiat Lien,
    Zijt ge zeker dat het er maar eentje is..)) Naar het schijnt ben je bij een tweeling heeeel erg moe.

  6. Winand zegt:

    Proficiat Lien, vanuit het West-Vlaamse boeregat (of is het nu boerengat?).
    Wat me nog het meest pleziert, is dat pickles opnieuw worden gewaardeerd. Leve de ajuintjes, augurken en bloemkoolrestjes. Ere wie ere toekomt.

  7. Anne zegt:

    Bij Milan heb ik dat ook gehad: 4 maanden misselijk maar niet moeten kotsen. Waarvoor ik dankbaar was, want ik ben doodsbenauwd als ik moet kotsen :-)

  8. gypsy_eyes zegt:

    ik lees heel graag over uw zwangerschap, ben zelfs een beetje vereerd dat we het mogen meevolgen…

  9. tessa zegt:

    Ge hebt juist hetzelfde als ik. Ik moest ook continu eten, want anders was ik misselijk. Als ik dus een hele reeks muizen moest transplanteren, was dat dus een groot probleem, want dat kan heeeeel lang duren, maar voor de rest viel dat heel goed mee. Ik was continu aan het kauwen en bijten (rijstkoeken dat ik verslonden heb, en zo van die lichtgezouten knapperige vezelkoekjes, mmm, en wortels! En ook vooral degout van iets, ik had continu honger, en b. maakte dan iets klaar, waar ik toen oprecht zin in had, en als het voor mijn neus stond, kreeg ik het niet binnen. En nam ik mijn toevlucht tot zure haring en puree met een glas karnemelk erbij (mm, toch misschien een rar goestingske, niet?).
    Ik heb tijdens mijn zwangerschap maar één keer gekotst, en dat was de dag dat ik bevallen ben: ik was het beu (3 dagen overtijd), en had een paar ‘gouden tips’ om te bevallen samengekletst, met als gevolg, mijn avondmaal: friet-met-stoverijsaus-van-’t-frietkot, een tomate crevette, en een dame blanche. En een paar uur later was het prijs: Henri zal gedacht hebben: ‘Wat smijt die op mijne kop, hier moet ik weg!’