Peter ging me eens leren fotograferen. Want er bestaan tot nog toe niet veel foto’s van hem en zijn dochter.
Ik ben geen fotografisch talent. Ik sta liever voor de lens dan erachter. Een fototoestel moet ook simpel zijn: ge moet op dat knopke duwen en dat moet een foto trekken.
Maar Peter heeft een Nikon D50 en ik moet het dus daar mee doen. Daar kunt ge vanalles en nog wat mee afstellen, zo van focus en van licht en al. Maar daar ken ik dus niets van en dat ging hij me dus eens uitleggen.
Les 1:
Peter: “Als ge hier op klikt ziet ge die zwarte kottekes verspringen”
Lien: “Heu? Zwarte kottekes? Wat? Waar?”
Peter: “Zucht. En ziet ge die groene getallekes daar onderaan? En dat balkske?”
Lien: “Die groene vlekken, bedoelt ge?”
Er is dus iets mis met mijn ogen. Ik zie dat allemaal niet. Ik trek nu met de automatische stand, dat is dan wel met flits en zo maar het werkt.
Begin januari was ik nog naar de oogarts geweest en dan was het nipt. Ik mocht kiezen: een lichte leesbril of niet. Ik heb het maar zo gelaten. Maar een zwangerschap kan wel wat doen met uw ogen naar het schijnt. Misschien maar eens teruggaan?
En wie ontwikkelt nu zo’n fototoestellen? Ge moet half op het knoppeke drukken om dan de focus en het licht aan te passen en dan moet het nog pieppiep zeggen om scherp te stellen. Die andere knoppekes staan dan op plaatsen waar mijn vingers niet goed bijkunnen, of ik moet al half met mijn vingers in mijn ogen zitten. Met mijn motorisch talent is het knoppeke ondertussen al helemaal ingedrukt en heb ik een mislukte foto.
Ik heb geen fotografisch talent. Laat dat duidelijk zijn.