Vrouwendag, dus ik moet daar maar eens iets over schrijven.
Ik denk daar vaak over, de laatste weken, maanden, jaren zelfs, maar ik kom nog niet echt tot een samenhangend betoog. Ik zie veel problemen, maar weinig oplossingen. Daarom misschien het gewoon eens over de gemeenteraad in Gent hebben.
Ik lees in “Metro” vandaag dat er nog altijd veel te weinig vrouwen in de gemeentepolitiek zitten. Tiens tiens, hoe zou dat komen? Ik stop er ook mee na dit jaar en ik ben niet de eerste. Politiek combineren met een voltijdse (of 4/5 baan), huishouden (ook al is er een poetsvrouw) en kinderen, het is echt niet evident. Voor een stad als Gent mag je rekenen op minstens 8 vergaderingen op weekavonden in de maand. Dus na je dagtaak nog eens van 19u tot soms 23 uur in het stadhuis zitten. Als je alle andere organen waar je in zetelt meerekent, kom je aan nog veel meer avonden. Voorbereiding niet meegerekend. Als je weet dat ik pas om 18.30 uur met de kindjes thuiskom, dan weet je dat ons gezinsleven op die dagen zeer minimaal is.
Tel daarbij nog niet alle vergaderingen van de partij en alle gelegenheden waar je beter eens naar toe zou gaan om je kop te laten zien. Want je moet toch herkozen worden ook hé. Ik geef toe dat deze er ferm bij inschieten bij mij. Serieus, ik zou niet weten wanneer ik dat nog allemaal zou moeten doen. Ik heb nu eenmaal ook nog tijd nodig voor mijn familie, mijn vrienden en mezelf. Ik kan niet anders.
In het begin van de legislatuur was er een speciale commissie mens- en gezinsvriendelijk vergaderen in de gemeenteraad. Omdat de commissie toch niks opleverde… hebben ze ze gewoonweg afgeschaft. Goed bezig, amai. De enige verwezenlijking van die commissie was waarschijnlijk dat we nu om 19 uur beginnen, in plaats van om 18.30 uur. En ja, er staat een vergoeding tegenover al die vergaderingen, maar niet in die mate dat je minder kan gaan werken. Ik ben van 5/5 naar 4/5 gegaan, ja, maar halftijds werken is geen optie.
Een politieke carrière combineren met kinderen? Ja, het kan ja. Maar een uitgebreid netwerk van familie, vrienden, babysits of zelfs een nanny die kunnen bijspringen waar nodig is dan wel een voorwaarde. Bovendien moet je dat dan nog willen. Sans rancune voor de vrouwen die het wel willen. Vroeger wou ik het ook. Maar het moederschap heeft me veranderd. Mijn kinderen zijn me te dierbaar, ik wil bij hen zijn, tijd met hen doorbrengen, ik wil hen niet voortdurend achterlaten. In goede handen, daar niet van, maar ‘t zijn niet mijn handen. Eens de kinderen groter zijn, gaat dat misschien weer beter. Maar dan is het vaak al te laat om nog carrière te maken.
Ik heb het er al veel over gehad met de andere vrouwen in de gemeenteraad. Dat het zo moeilijk is. Meyrem Kaçar is er mee gestopt want het was niet te combineren. Ik stop ermee, om dezelfde reden. Maar ik hoop dat de anderen stand houden. Sofie Bracke schopt het met twee kleintjes tot schepen. Freya Van den Bossche is moeder, gemeenteraadslid én minister tegelijkertijd. Elke Decruyenaere en Annelies Storms werden het laatste jaar ook mama, benieuwd hoe het hen zal vergaan de komende jaren. Ik duim voor hen, dat is zeker! En ik hoop dat er een herwaardering komt voor gemeenteraadsleden, zeker in de grote steden, anders blijft het onhaalbaar om meer vrouwen aan te trekken.
En de mannen? Die gaan na de vergadering nog eens op café, voor soms wel de belangrijkste gesprekken in de wandelgangen. Maar dan moeten wij vrouwen nog wat was, strijk of opruimwerk doen…
Ziet, Elke Decruyenaere schrijft er ook over vandaag.
Dit is nog maar de helft van mijn betoog. Ik heb meer tijd nodig, om al mijn gedachten over vrouwendinges te ordenen. Maar nu nog verder gaan, dat zou saai worden.