Die keer dat we vastzaten in de péage

Deze zomer zijn we naar Italië geweest, dat was wijs, dat was fantastisch, als het past zal ik daar nog eens een verslagske over schrijven. Toplocatie, topcompagnie, topweer, topregio. Maar de rit ernaar toe, dat was een drama, een regelrecht drama. Pas op, we waren niet zo gek om die 1.400 kilometer in één keer te rijden, dat is net iets te ver. Dus we deden het met een tussenstop, ergens halverwege.

Dag 1: Vertrokken om 9 uur. We moesten maar een kleine 700 km rijden, dat viel dus wel mee. Op de laatste stop, met nog amper 100 km voor de boeg, om 16 uur, zien we dat onze rechter achterband plat stond. Hmpff. Zelf meteen een reserveband opleggen was een optie geweest, maar daar konden we de volgende dag geen 800 kilometer op overbruggen, dus wilden we die liever meteen laten herstellen. Uren gewacht op hersteldienst, dan toch maar eens gekeken naar de reserveband en opgemerkt dat er een gewoon wiel in de koffer ag. Waar we perfect 800 kilometer en meer mee konden overbruggen. Veel tijd voor niets verloren dus. Een vriendelijke Roemeense truckchauffeur verving de band voor ons en hup, we konden weer door. Aankomst in het hotel: 21.30 uur.

Pech onderweg... Wachten... Gelukkig is er een pop up prinsessenkasteel!

Dag 2: vroeg vertrokken, al om 8.15 uur weg uit het hotel. In Zwitserland was het vooral regen die ons parten speelde en de Gotthard-tunnel. Een uur of twee gewacht. En dan nog file in de tunnel zelf, ik vind dat eng. En daarna opnieuw file, file, file en nog eens file. Vooral tussen Bologna en onze eindbestemming, dat is daar structureel.

Voorlaatste dag: Het terugkeren. Diezelfde structurele file. Da’s 100 kilometer rijden, daarna 100 kilometer file, zoiets. Wat maakte dat we op 4 uur 200 kilometer gedaan hadden of zo. Groempf. Péage, Milaan. Aanschuiven. Alweer. We komen aan het overgedekte gedeelte en net toen we eronder reden zagen we boven ons het licht op rood floepen. Oei. En meteen erna achter ons ging de bareel naar beneden. Oei. Er stonden twee auto’s voor ons en de geraakten probleemloos door. Oef. Tot wij aan het machineke waren. Machineke dood, deed niks meer. Oei. Kaart er toch ingestoken, geen reactie, kaart vast, machine dood. Hulpknop dood. Bareel voor én achter ons naar beneden. AAAARGGGGHHH. Uitstappen, en alle kottekes afgaan tot ge iemand vindt, dat was Peter zijn taak. De vrienden inlichten van onze vertraging, dat was mijn taak. En dan maar op dat kaske beginnen te kloppen van pure frustratie. Ik denk dat we daar tien minuten gestaan hebben en toen ging plots de bareel omhoog. Ik spring op de chauffeurszetel, rij vooruit, zo rap als kan. Ik spring uit de auto, vergeten dat ergens op mijn schoot een telefoon lag. Boef. Scherm kapot. Aaaaaarggghh. Creditcard kwijt, kaart blokkeren. Maar bon, we konden weer rijden. Maar ik zal nooit meer onbezorgd door een péage rijden. En u misschien ook niet :-)

Toen waren we er nog niet. We hoorden van vreselijke files voor de Gotthardtunnel, we namen een uitgebreide avondstop, stonden nog een uur of drie stil, maar we lieten ons daar niet door uit het lood slaan.

Wat doet een mens dan in de file?

Eén fles cava met zes personen, ge zijt daar niet zat van neen. Aankomst in het hotel 23.15 uur.

Al een geluk dat de laatste dag wél probleemloos verliep.

Over onze mobiliteit volgend jaar zal nog eens serieus nagedacht worden, dat is zeker.

Lichtpuntje in het hele verhaal: 2 keer 1.400 kilometer gereden, maar de kinderen hebben gelijk géén enkele kilometer vervelend gedaan. Wat potloden, spelletjes, tablets, muziek en luisterverhalen en vooral teeveetjes niet allemaal kunnen doen, hé?

Boedapest

Toen we nog geen kinderen hadden, zeiden we dat als we kinderen hadden, we toch gingen proberen om minstens één keer per jaar alleen op city trip te gaan. Zo gelijk vroeger, met ons twee. Peter die van alles wat beweegt en niet beweegt een foto maakt. En ik die de gidsen tot de laatste letter uitpluis om vervolgens nog wat boekjes te lezen terwijl ik wacht op Peter.

In de praktijk komt dat er niet zo vaak van. Twee jaar geleden gingen we naar Venetië en in 2009 gingen we eens samen naar Parijs. Babysitgewijs is het niet altijd zo makkelijk om er een paar dagen vanonder te muizen. Maar hé, de kinderen gingen een week bij vrienden gaan logeren om daar een sportkampje te doen. Perfect dus om van maandag tot vrijdag eens weg te gaan. Het ging eerst Valencia worden, maar het werd uiteindelijk toch Boedapest.

Boedapest, de stad waar ge naar toe vliegt met een roze MegaMindy-vliegtuig. Of daar leek het toch op.

Is het een vogel?

Boedapest, de stad waar ze een keten hebben van hummus bars. Ondergetekende hummusverslaafde is daar wel niet geraakt wegens dat de man minder fan is dan ik. Toch nog altijd een beetje spijt van.

Hummus liefhebber ontdekt hummus bar

Boedapest, ook wel de stad waar je een heel leuk eetcafeetje vindt vol retrospullen. Plezant.

Lampjes. Kleurkes.

Boedapest, de stad waar ik zwaar onder de indruk was van dit momument.

Aandoenlijk

Boedapest, waar wij bijna heel alleen zaten te supporteren voor de Belgen op een plein ergens. Gelukkig gewonnen tegen de VS.

Belgen in Boedapest... #nostress

Boedapest, waar ik ook een beetje aan mijn conditie werkte:

We stappen wat af, wij, hier.

Miss Trabant

En @lienweb zwemt in een beroemd bad...

Boedapest, waar je voor een deftige prijs en zonder maanden op voorhand te moeten reserveren kunt dineren in een restaurant dat 17/20 krijgt in de GaultMillau-gids.

GaultMilllau geeft 17/20 zowaar... En nog betaalbaar en je kan er snel binnen...

Vond het een leuke stad, maar zonder meer. Ik was vooral een beetje ontgoocheld in het water, denk ik. De Donau stroomt dwars door de stad, dus ik had een beetje gehoopt op mooie wandelpaden langs het water… Maar niks is minder waar, twee drukke, stinkende autobanen naast het water… Levensgevaarlijk bij momenten.

Maar toch zeker en vast eens de moeite om te bezoeken!

Selfie van de dag

Kraaak… piep… PLOP!

* kraak piep krrrrrrrr prrrrt ….. PLOP! *

Efkes wat werk om deze blog weer op gang te schoppen na een lange, zalige zomerstop.

Maar ‘t is dringend tijd dat ik hier weer het één en het ander blog.

Ik beloof u in de komende dagen en weken

  • een verslag van Boedapest
  • een verslag van een geweldig verblijf in Umbrië
  • een wijn- en bier recensie van op het LWW
  • een verslag van de start van het nieuwe schooljaar
  • mijn hardnekkige peesontsteking die me voorlopig belet om ook maar een beetje richting 1000 km te lopen
  • misschien nog iets over de Gentse Feesten en Janne haar scoutskamp
  • misschien nog iets over die keer dat we opgesloten zaten in de péage van Milaan

Ik weet alleen nog niet of ik die nu chronologisch of gewoon volgens goesting ga schrijven. Ik denk dat laatste. Maar het was een lange, zalige vakantie. Met fantastische kindjes. Jullie krijgen nu alvast al wat sfeerbeelden!

Aandoenlijk

Gekruld en gevlinderd

Terug van scoutscamp!

Vlechtjes

De dottenclub!

Drie nieuwe Trappenhuizertjes #1september

Sien vier

Dit weekend was Sientje jarig. Maar eerst gingen we op halfjaarlijkse trip naar Rijsel met de vriendjes.

Het was een bewogen weekend, waarin we eerst met onze auto echt knal in een betoging reden. Het is te zeggen: we stonden voor het rode licht, de betogers kwamen van de ene kant, de politie van de andere kant. Leutig. Beste methode om een betoging te ontbinden is trouwens beginnen speechen. Tegen het einde daarvan stond er nog twintig man of zo.

Bij terugkomst bleek dat er iets mis was gegaan met de Collect&Go bestelling. Plezant, op zaterdagavond om 19 uur merken dat ge niks in uw kot hebt en de volgende dag een tiental mensen moet voorzien van eten en drinken. Om 19.30 stond ik in de Colruyt voor een race door de winkel, gelukkig wist ik goed wat ik nodig had aangezien het lijstje al gemaakt was.

De week ervoor was er al een feestje met de meter en de peter van Sientje trouwens, want de meter die zat de week erna in Marokko.

Maar zondag mocht Sien dan echt vier kaarsjes uitblazen.

Zondag 9 februari, ook de dag dat de man en ik eindelijk een volwassen relatie hebben!

En volgende zondag is er nog haar feestje voor de vriendjes. Er mogen zoveel vriendjes komen als ze oud wordt, dus in dit geval nodigt ze drie klasgenootjes en vriendje Myrddn uit. Ik vind het een beetje een gek idee om alleen klasgenootjes te vragen (wij vragen toch ook niet alleen collega’s uit op ons feestjes?) dus hier mogen ze vragen wie ze wil, ook buiten de klas. Al moet er natuurlijk wel een maximum op staan :-)

En dan is het weer efkes gedaan met de festiviteiten.

Skiën (2). Toen het goed kwam. Of toch weer een beetje fout ging.

Dag 3:
Die nacht is er heel veel sneeuw gevallen en ook het dorp ligt nu wit. Ter vergelijking: het verschil met de dag ervoor.

Sofie moet niet meer werken en krijgt nu les van Stef, waar ik me bij aansluit. Met twee is gezelliger dan alleen. We luisteren goed naar de leraar, we leren veel bij. Op het einde van de voormiddag gaan we een blauwe piste af (B23). Is eigenlijk een weg in de zomer en het enige vervelende aan deze piste is dat ze in het midden een heel stuk vlak is, waar je dus niet kunt glijden maar waar je meer moet schuiven en steken. Waar Sofie meer talent heeft voor het skiën, blijk ik uit te blinken in dat sneeuwschuiven. Volgens mij is langlaufen meer iets voor mij, bedenk ik me, want ik vind dit leuk en Sofie vindt het vreselijk.
Vlak voor het stapstuk kijken we achterom, we zien een skiër komen. Plots verdwijnt die in de afgrond en wij schieten een beetje in paniek. Maar bon, wat wij de afgrond vinden, dat is blijkbaar ook een stuk skipiste.

In de namiddag geen les maar we glijden keer na keer die blauwe, makkelijke skipiste af. En dat gaat best wel vlotjes, ondanks dat het hevig sneeuwt. Ja, ik vind het zelfs al een beetje leuk. Maar ik zou het graag gewoon al kunnen, en de fase van het leren overslaan.

Dag 4.
We staan vroeg op want we worden om 9 uur op de berg verwacht voor ons volgende skiles en technieker Bas is naar huis, die kan ons niet meer naar boven rijden. Maar goed, we zijn er. We glijden om op te warmen een paar keer de babypiste af. En nemen vervolgens een stoeltjeslift naar boven. Het plan is om stukken blauwe en rode piste te combineren. Blauwe pistes gaan vlot maar die hebben vaak als nadeel dat ze niet zo breed zijn en al snel een beetje saai worden. Rode stukken zijn, wat mij betreft, meteen al te steil. De eerste stukken gaan behoorlijk goed, ik val maar één keer. Maar dan wordt het steiler. Voor mij echt een mentale barrière, want ik heb hoogtevrees. En snelheidsvrees. Ik doe het, maar ik heb het er zéér, zéér lastig mee. Bovendien gaat alles sneller, moet je alle techniek die uitstekend gaat op de trage pistes, plots beter uitvoeren. Vraagt enorme lichaamsbeheersing en coördinatie. Twee dingen waar ik niet zo goed in ben, wat op de makkelijke stukken als automatisch gaat, sla ik hier volledig in de knoop. Niet goed voor het zelfvertrouwen en ik val meer en meer. Maar bon, ik doe het toch maar en ik ben ergens wel trots op mezelf dat ik het gewoon doe. Maar anderzijds: het geeft me geen bevredigend gevoel, ik word er niet bepaald gelukkig van. Te snel, te steil, de mentale barrières: ik word er echt niet blij van.

Als laatste doen we de blauwe piste van gisteren, maar nu gaan we ook die afgrond in. Eigenlijk wilde ik deze echt niet meer doen. Maar Sofie was al ongeveer beneden en de skileraar overtuigde me. Ongeveer even steil als de rode piste maar veel smaller en ijziger. Ik val continu. Ondertussen vind ik vallen niet meer erg, ik doe me toch geen pijn, en daar zijn geen afgronden meer langs waar ik naar beneden kan toeteren. Maar ik vraag me af waar ik mee bezig ben, want op dit moment vind ik het echt niet leuk meer. Te moe en mijn lichaam slaat in de knoop. Skiën is niet echt iets voor mij, vrees ik.

Wel leuk: skileraar Stef neemt ons mee naar de hut van zijn schoonvader met de sneeuwscooter. Sofie kan dan misschien beter skiën dan ik, het is toch een wonder dat ze heelhuids thuis is geraakt. Hier zien we haar in haar pogingen om van de scooter te geraken.

Na de middag ga ik niet meer mee: ik hou Sofie op, en ik heb het volledig gehad met dat skiën en mentale barrières doorbreken. Ik glij nog twee keer de babypiste af en dat was het. Ondertussen ging Sofie naar boven en beleefde daar ook niet meer zo’n fijne ervaring met veel te veel ijs en een leraar die gevallen was en een oude kwetsuur weer erger gemaakt had. En dus hebben we er alletwee genoeg van. Om 14 uur keren we al terug naar het hotel om ons alweer in de sauna te placeren.

Dat ik me gesmeten heb en niet bang was om te vallen, dat ziet ge aan mijn rechterbeen: bont en blauw. Dat komt omdat mijn bochten naar links altijd mislukten peisk. Pas op: op het moment zelf heb ik nooit pijn gehad. Achteraf ook niet, tenzij ik er op sta te duwen. Ik heb de blauwe plekken enkel visueel vastgesteld eigenlijk.

Neen, dat is ook niet van het apres-skiën. Dat hebben we namelijk volledig aan ons voorbij laten gaan. Sofie en ik, de rest van de groep heeft er zich wel eens een keertje in gesmeten :-)

Dag 5
We gaan niet meer skiën: vooral omdat we maar een halve dag hebben en we niet meer kunnen douchen. Ik ook omdat ik er genoeg van heb, omdat ik gewoon denk dat het niks voor mij is. We gaan wel naar het skistation Angertall, het sneeuwt echt ongelooflijk hard. We gaan helemaal naar boven, omdat we daar naar een brug wilden kijken, maar aangezien de zichtbaarheid daar maar 5 meter was hebben we helemaal niks gezien. Behalve ouders die hun kindje van pakweg van 3, tutter in de mond, mee genomen hadden naar boven en ze dat ventje blijkbaar naar beneden wilden laten skiën. Gelukkig hebben ze zich bedacht, we waren al half in shock, wij. Terug naar beneden. Als ik de skiërs zo schijnbaar op het gemak de rode pistes naar beneden zie komen ben ik daar toch wel wat jaloers op. Ik zou dat ook willen kunnen, waarom beperken die barrières in mijn hoofd mij zo?

Slotsom:
Ik ben nu wel gaan skiën, maar ik weet nog steeds niet of het iets voor mij is. Misschien moet ik het nog eens proberen. Misschien ging het allemaal wat te snel voor mij. En eerst nog wat les volgen in de skihallen in de buurt. En daar misschien ook nog lessen volgen. En dan alleen maar blauwe pistes, kilometers en kilometers blauwe piste. Misschien dat er dan wel een klik komt? Ik weet het niet.

Ik zou het graag echt kunnen. En een leraar vinden die me over mijn angsten heen kan zetten.

Maar het kost allemaal zoveel geld. Ik ben er duidelijk (nog) niet aan verslingerd, kan ik er dan wel zoveel geld aan geven? Zo’n privé leraar is allemaal prima en ideaal en zo, maar die tarieven… Als ik nog eens gratis kan gaan skiën zal ik niet twijfelen, of als ik een schoon aanbod vind ook niet. Maar anders…

De kinderen? Ik weet het zo niet, het lijkt me nu een ongelooflijk gezeul om met kinderen te gaan skiën. Ik moet nu al hun boekentassen dragen als ik van school kom met hen, als ik daar ben mag ik dus sleuren met eigen skies, eigen materiaal en de skies en het materiaal van de kinderen. Ik denk dat ik ga wachten tot ze wat groter zijn en ze dan gaan meesturen op wintersportvakantie met het één of het ander zodat ze er ook eens van kunnen proeven.

Maar bon, het was eigenlijk wel een ongelooflijk toffe ervaring. Op reis gaan met een groep mensen waarvan je er maar eentje kent. Eigenlijk twee, met de technieker van Nostalgie heb ik nog in de eerste kleuterklas gezeten, ha! OK ja, en ook Stefan Ackermans, presentator bij Nostalgie. In mijn jonge tijd was ik zwaar fan van de Afrekening, dus ik ging een beetje met een jeugdheld op reis. Bleek het nog een toffe kerel te zijn ook.

Gastein is een heel leuk skigebied met heel veel mogelijkheden. Allemaal vreed in orde. Als ik nog eens zou gaan skiën zou ik zeker naar Gastein willen terugkeren. In Gastein valt veel te beleven en ik mocht daar allemaal van proeven. Heerlijk was dat!

En met Sofie op reis gaan, dat was geweldig. We kennen elkaar al een paar jaar goed, en nu nog veel beter. ‘s Avonds in bed moesten we echt zeggen dat we gingen slapen of we bleven gewoon tetteren. We hebben ons echt goed geamuseerd en we kunnen zeker en vast nog vaak samen op reis gaan. Wat we ook van plan zijn. :-)

Skiën (1). Toen het fout ging. En toch weer een beetje goed kwam.

Dag 0: vertrek en aankomst in Gastein

Sofie en ik vertrekken samen naar Gastein. Onderweg beseffen we dat we echt géén idee hebben hoe dat er aan toegaat dat skiën. Hoe dat zit met dat materiaal, hoe de pistes er uit zien, waar je al dat materiaal dan wel moet laten, allez nikske.
Het vertrek in Eindhoven verloopt chaotisch: door een staking van de security staan er gigantische wachtrijen en even dreigt niet iedereen tijdig op het vliegtuig te geraken, of het vliegtuig zou moeten wachten want werkelijk de helft van de groep staat nog in de rij. Maar het komt goed. Na landing in Salzburg nog een uurtje rijden naar Gastein. Onderweg zien we geen vlokje sneeuw want ook hier is het een warme winter: in het dal ligt geen sneeuw, maar boven wel. We zagen trouwens ook geen bergen en we hadden heel erg warm waardoor we eventjes dachten dat we naar Spanje gevlogen waren, maar we zagen uiteraard geen bergen omdat het donker was :-)

Dag 1:
Een groen dorp zagen we, net als in de zomer, vreemd is dat eigenlijk als je gaat skiën. Boven de wolken lag er sneeuw en was er zon, verzekerden ze ons. Bij het afhalen van onze ski’s meteen pech: we hoorden dat de skileraar ziek was en dat er geen vervanger was, die zou er pas vanmiddag zijn. Bummer: ik ga maar vier dagen skiën en wil er alles uithalen en nu moet ik een ochtend met mijn vingers zitten draaien. Daar had ik geen zin in. Sofie moest reportagekes maken. Een ervaren skiër ging me samen met zijn vriendin meenemen naar boven en me daar wat leren skiën. Kon niet zo moeilijk zijn, verzekerden ze me. Boven (Slossalmbahn II) was het werkelijk spectaculair: stralende zon, uitzicht op een wolkendek waar je zo in wou springen.

Ik had me verwacht aan een mooi oefenpisteke, wat oefeningetjes en zo. Maar eens boven bleek het gewoon een skipiste te zijn. Ze toonden me snel eens een paar dingskes en lieten me starten. Ik moet jullie niet uitleggen dat dat binnen de kortste keren fout ging zeker? Het ging meteen veel te veel naar beneden om maar wat te zeggen. En ook: het is niet omdat ge een goeie skiër zijt dat ge een goede skileraar zijt. Sans rancune naar die mensen hoor, die deden het ook maar uit zeer goeie bedoelingen. Maar daar stond ik dus, bovenop een berg, nul de botten ervaring, met angst voor hellingen. Grmpf.

Na 17 keer vallen en proberen rechtkomen (rechtkomen met ski’s aan is niet gemakkelijk en zeer uitputtend. Ge moet dat eens 10 keer na mekaar doen) had ik door dat het op die manier niks ging worden en dat ik vanmiddag maar les moest volgen. Dus dacht ik: ik maak gezellig een wandelingetje tot aan Angertall, waar we afgesproken hadden die middag. Hoe moeilijk kon dat nu zijn: een wandelingske van een paar kilometer door de sneeuw, ik was toch in goede conditie? Fout dus, skipistes zijn NIET gemaakt om naar beneden te wandelen, dat is behoorlijk gevaarlijk zelfs. Wist ik veel. Op dat moment was ik beter teruggekeerd naar de lift en met de lift naar beneden gegaan maar daar kwam ik pas later achter. Want wandelen op steile skipistes met de meest oncomfortabele schoenen die niet gemaakt zijn om te stappen, maar wel om te skiën, dat is echt niet ideaal (understatement). Neem daarbij dat ge nog twee ski’s draagt en een paar stokken en dat komt niet goed. Om u een idee te geven: mooi hoor, maar niet voor een winterse wandeling.

Enfin, een beetje later kwam een Poolse skiër me te hulp en skiede mijn ski’s een heel eind naar beneden. Hoe die man op zo’n piste overeind kon blijven zonder stokken en met ski’s in zijn handen: dat is me een raadsel. Maar bon, dat heeft dus met ervaring te maken.
Een beetje verder kwam ik een groepje kinderen tegen met een leraar die Nederlands sprak (hoera!), dat was op een veel vlakker pad en daar heb ik zelf een eind mee geskied. Ongelooflijk dat dat lukte eigenlijk. Maar bon, toen het weer meer naar beneden ging lag ik meteen weer tegen de grond en waren de kindjes en de leraar weg. Ik zag Angertall in de diepte liggen maar dat was nog een heel eind. Toen kon ik wel bleiten, eigenlijk. Gelukkig kwam toen Annelies af, ook van de groep, en die nam mijn skies verder mee naar beneden. Ik moest alleen maar die vreselijke botten zien te overleven. Nooit zo blij geweest dat ik een vlag van Nostalgie zag eigenlijk. Ik kwam binnen temidden van de uitzending en zwoor nooit meer die skibotten aan te trekken. Ze hadden zich in de Nostalgiestudio ook nogal zorgen gemaakt precies. Om u een idee te geven: ik ben zo’n drie uur onderweg geweest, heb zo’n duizend meter hoogte en een kilometer of 7, 8 overbrugd denk ik.

Bon. Balen natuurlijk. Half één toekomen, om één uur skiles van de nieuwe leraar. Geen tijd om iets te eten, wel veel water gedronken, ik had een beetje dorst. En iedereen vond het nogal ongelooflijk dat ik nog aan de skilessen begon. Mja, ik wou het wel nog altijd kunnen hé. Doorzettingsvermogen, ja zo ben ik wel. :-)

Dus leerde ik de juiste skihouding, ploegen, ankerliftjes nemen, bochtjes maken. Zoals het hoort eigenlijk. Op het einde van de middag gleed ik probleemloos de babypiste af (want die is er in Angertall wel). En vond ik het zelfs al plezant. Maar ik was wel geradbraakt van mijn ochtendlijke wandeling. De sauna en het bubbelbad deden meer dan deugd. Après-ski: daar had ik geen fut meer voor.

‘s Avonds mochten we wel nog met een stoeltjeslift naar de Bellevue Alm, de oudste hut van de regio. Ook eens leutig.

Statussen van die dagen:
“Heeft nog geen vlok sneeuw gezien, ook geen bergen en heeft het veel te warm. Volgens mij zit ik in Spanje. Ok, de huizen zijn hier wat raar.”
“Denkt voorlopig alleen maar: never again. Ok, dat de skileraar ziek afgehaakt heeft, deed er geen goed aan :-)”
“Een paar uur skiles met een welbespraakte Hollander en het gaat al veel beter. En morgen gelukkig de hele dag les. Nu après ski!”

Lien gaat skiën

Ja, ge leest het goed, Lien gaat skiën. Ik heb dat dus nog nooit gedaan. Of toch niet echt.

Het zit zo: vroeger wou ik altijd al eens gaan skiën. Maar als kind zat dat er niet in: mijn ouders waren niet zo’n sportieve reisgangers. :-) Wel keek ik heel veel ski op tv, ik vond dat heel leuk om naar te kijken. Is het nu daardoor, dat ik me die bewegingen wat kon voorstellen? Alleszins, toen we in het vijfde leerjaar zaten gingen we op schoolreis, en in de namiddag gingen we skiën op borstels ergens ik-weet-nie-meer-waar. We werden opgesplitst in twee groepen: die met ervaring, en die zonder. Na een uurtje werd ik er uitgepikt door de leraar, dat die dat echt niet kon geloven dat ik nog geen ervaring had. En ik mocht nog een uurtje op de hoge piste meedoen. Ik ga er dus gewoon keihard van uit dat ik daar een natuurlijke aanleg voor heb, voor dat skiegedoe en dat ik dat heel goed ga kunnen. (ahum)

De laatste jaren zei het me niet zo veel meer: te koud, te veel gedoe, te duur. Als ik de prijzen hoor: ik ga liever een beetje langer weg in de zomer dan. En de man zou sowieso niet meewillen dus ik zou alleen moeten gaan met de kinderen. Mja.

Maar dus. Een paar weken geleden kreeg ik de vraag van ons Sofie. Dat ze met Nostalgie een reis hadden verloot onder de luisteraars (Nostalski, jawel). En dat zij mee mag als presentatrice. En ze mocht haar lief meenemen, maar die wou onder geen beding mee, want de eerste (en laatste) keer dat ie dat gedaan heeft, heeft ie na twee dagen zijn beide polsen gebroken. Dus ze zocht een vervangster voor haar lief. Na een uitgebreide selectieronde bleef ik als enige kandidate over. En dus mag ik vier dagen gratis ende voor niks gaan skiën. Ik zou moeten zot zijn om dat niet te doen, hé.

Dus verzamelde ik skigerief bij vriendinnen, regelde ik opvang voor de kinderen wanneer de man niet thuis is. En weg zijn we. Overmorgen. We zijn maar een klein beetje nerveus (we, want ik denk dat ik in deze ook voor Sofie spreek). We weten allebei langs geen kanten hoe dat er aan toe gaat. We krijgen allebei al een beetje schrik als we die liftjes zien. We houden ons recht aan de gedachte dat er in ons hotel ook een heel welnesscomplex is.

Al uw goede raad en tips zijn hieronder dan ook welkom.

‘t Is hier stil geweest, hé?

Maar geen nieuws is in dit geval goed nieuws. ‘t Was gewoon de traditionele Kerst- en nieuwjaarsdrukte.

Kerstmis, dat vier ik altijd met mijn mama en broer en het was voor de eerste keer bij ons wegens daarvoor een te klein huis. Ik was op alles voorbereid, ja, je kon zelfs naar het toilet gaan in stijl.

Het poppenhuis werd afgewerkt en in gebruik genomen.

Enfin ja, afgewerkt. Ik wil nog een vlaggenlijntje maken en tapijtjes en vanalles en nog wat. Maar daar was geen tijd meer voor. En daarbij, dat is gelijk bij een echt huis: dat is nooit echt helemaal af, daar kun je nog altijd iets aan veranderen of verbeteren.

En zelf kreeg ik ook een fijn cadeautje zodat ik nu ook muziek kan beluisteren in mijn creakotje. Kijkt eens hoe gelukkig ik er hier uitzie!

Kort daarna vertrokken wij weer met wat vrienden op reis. Voor de achtste keer, geloof ik. In een tof huis in de Ardennen. En dan doen wij al eens onnozel, ja.

Ik zette een nieuw haakprojectje in gang. Ik nam al wat voorsprong op een crochet along die nu van start gaat. Ideaal als ge wat nieuwe steken wilt bijleren en uitleg in het Nederlands.

En op de laatste dag van het jaar verloor Janne haar eerste tandje.

En de laatste dag van de vakantie sloten we af met een bezoekje aan het circus. En konden we ook niet normaal doen.

Heerlijk die vakantie. Ze mocht nog wat langer duren :-)

Camping en glamping deluxe!

Duizend dingen weet ik altijd die ik hier moet schrijven. Tot ik aan mijn computer zit, dan vergeet ik te schrijven.

Enfin, bon, ik zal dan maar vertellen over alweer een weekendje op de Beste Camping Ter Wereld, zijnde die van mijn nichtje.

Ze hebben er sedert vorige week trouwens een mega glamping-tent bij voor vier personen. Hans en Lies waren mee om deze in te huldigen. Een echte tent, maar dan met echte bedden en echte kasten en een mini-keukentje.
Retour au camping!

Gekend en geroemd omwille van het microklimaatje aldaar, maar deze keer liet het ons in de steek. Al was het de eerste dag toch echt goed weer.
Bellenblaas

Zo goed weer zelfs, dat ik verbrand was.
Ze hadden slecht weer voorspeld.

De dag erna was minder, maar we gingen met zijn allen naar Monde Sauvage. Ge kunt daar op safari gaan! En verdwalen! En de kinderen keken hun oogjes uit bij de zeeleeuwen- en de papegaaienshow.
Zeeleeuwenshow!

De kindjes gingen ook al eens op wandel, naar de plaatselijke Maria-tussent-de-bomen.
Devoot

Let trouwens op de telling: drie meisjes, drie jongens (er staat één jongetje niet op de foto)! Een primeur, want meestal zijn de meisjes in de meerderheid als we op reis trekken.

Kan het liever?
Schattig, hé!

En zoals altijd als we op weekend zijn met Joris en Lise: de mannen koken. Deze keer met een uitmuntende hulpkok, Hans. Helaas alleen een paar foto’s van de voorgerechtjes. Maar de Marokkaanse ballen waren echt subliem lekker!
Mannenkokkerellerij dit weekend

Als ik weg ben, dan is er altijd een nieuw haakwerkje bij (deze keer waren het poppendekentjes voor de meisjes), een stukje chocolade met een mespuntje zout (hmmmmm, maar ge zijt voor of tegen) en ook Comté-kaas (hier niet op de foto). Jullie zo van die gewoontes?
Vakantie is... Een nieuw haakwerkje en chocolade met een mespuntje zout!

Vreed plezant, aldaar. En de volgende keer weer met 25 graden en zon!

Groen

Roggbiv

We gingen eens op weekend

Met twee vriendinnen en we namen er nog een derde mee. Nummer 1, 2 en 3 kenden mekaar zeer goed, maar nummer 4 kende enkel nummer 1. Of nummer 2 of nummer 3, het is maar te zien hoe ge het bekijkt. Alleszins, ferm moedig van nummer 4 om op weekend te gaan met twee dames die ze van haar noch pluim kende.

Edoch, we kozen er het mooiste appartement aan de Belgische kust uit, met sauna en bubbelbad, allemaal met zicht op zee. Vreed leutig. De rest van het concept was weer zeer simpel: doen waar we goesting in hadden. Op vrijdag was dat tv kijken (Astrid! The Voice!), sauna en met ons blote voeten in de zee lopen. Wisten wij dat die zee zoooo ver weg was, als het eb was. Koud!

Voor Nadine begon dat op zaterdagmorgen met een loopje op het strand. Hoewel ik nu toch wel al een tijdje loop, had ik nog nooit echt gelopen op het strand. Wat een zaligheid! Zo plezant dat ik dat op zondag opnieuw deed. En zo bestaat er ook nog eens een foto van mij aan het werk.
Run! Met @lienweb #lww

Na genoeg gesauna’t en genietst te hebben, gingen we met zijn allen naar de kapper. Eigenlijk had ik nog geen kappersbezoek gepland, maar een beetje groepsdruk en ik deed ook mee. En zo bestaat er ook een foto van mij bij de kapper.
Next!

De kapper deed zijn ding (ja, ik had weer een foto van Lien Van de Kelder getoond, ja) en nadat er gebrushed was, leek het wel of ik nog nooit zoveel haar had. Brushen is iets wat ik normaal gezien oversla (mijn kapper knipt droog en ik blaas het gewoon droog zonder brushen). Na tien minuten door mijn haar zitten woelen en te bedenken dat er toch iets vreemd was aan mijn kapsel viel mijne frank: mijn streep lag verkeerd! Jamaar dat ging niet hé! Waarop de kapper mijn haar wat naar de andere kant blies en dat was het dan. Op het appartement rap wat water op mijn haar gedaan dat het wat platter was maar sedertdien: niks dan lof! Ik heb nog nooit zoveel complimenten gekregen op een nieuw kapsel. Maar al bij al: toch een bizarre kapperervaring.

Dan gaan eten, ook al zo vreemd. We hadden het restaurant aanbevolen gekregen van iemand. Maar die wist niet dat dat niet meer bestond. Wij daar geboekt, maar we kregen te horen dat het tijdelijk ergens anders was. Als in: zijne living. We waren er ook de enige vier klanten, dus dat was best een beetje raar. Maar ik moet zeggen: het was héél lekker en hij had echt zijn best gedaan voor de vegetariërs!

Op zondag moesten we helaas al vroeg het appartement verlaten, maar we sloten het weekend af in een resto waar we toch al veel goede dingen van gehoord hadden. We hadden doorgegeven dat we met twee vegetariërs waren want er stond NIKS maar werkelijk niks vegetarisch op de kaart (ook geen kaaskroketten of vegetarische lasagne, neen). Daar toegekomen bleek dat ze ook geen moeite gedaan hadden: dat ik maar moest kijken op de kaart en ze zouden het dan wel klaarmaken zonder vlees of vis. Mja. Moeilijk hoor. En toen kregen we bericht dat ze net kaaskroketten aan het maken waren in de keuken, dus ja, het werden dan maar kaaskroketten.