Nog geen vakantie, gelukkig wel leuke weekends.

We gingen op bezoek naar het nichtje die in Gent is komen wonen en genoten onderweg van het mooie zicht vanop de brug over de Nieuwevaart. Enkel te bezichtigen met de fiets of te voet!

Vaart

Op zaterdagmorgen wou ik de kindjes afhalen in Eeklo bij mijn mama. Die hadden er een topweek opzitten van overal logeren: bij de schoonmama, bij Ine en bij mijn mama. Bedankt allemaal trouwens. Ik ging met de fiets naar Eeklo rijden en dan terug met de trein. Sportactiviteiten aan het nuttige koppelen, noem ik dat. Dolblij dat ik het systeem met de fietsknooppunten snel door had. Gelijk een echte een papierke met de nummers op mijn fietsbuis geplakt. Wat een gemak zeg eigenlijk. Een fietsgps heb ik dus niet meteen nodig. En wat een wondermooie fietspaden bestaan er toch in Vlaanderen. Maar goed, af en toe is er een putteke in de weg, dat ik niet gezien had omdat ik naar het bordje van de knooppunten aan het kijken was. .

Put aan knooppunt 34. Doeme toch! #knooppunt #bike #bikelife

Les geleerd: ge moet altijd een reservebandje bij hebben. Gelukkig was er mijn nichtje en haar man, die niet zo ver woonden en kennis en gerief hadden om mijn fietske te herstellen. Helden! En zo heb ik geleerd hoe ik een band zou moeten vervangen als het er nog eens zou van komen.

’s Avonds vrienden op bezoek. En één van de redenen waarom ik nooit volledig vegetariër zal worden: mosselkes. Lekker jom.

Topcombo!

Zondagmorgen dan lopen (kleine 13 km) en erna een big jump. De man was van reporter, de Merelbeekse vriendjes kwamen ook en mochten een woordje zeggen op de radio. En er werd gezwommen, natuurlijk.

The Big Jump #gent

Om dan ’s avonds nog op het onverwachte vriendjes op bezoek te krijgen die maar heel efkes gingen blijven… Maar het draaide anders uit. Heerlijk toch, onverwachte bezoekjes?

Bike after work Brussel-Gent

Eens van Brussel naar Gent fietsen, dat was er eentje die al lang op mijn verlanglijstje stond. Zo na het werk naar huis fietsen, niet evident als je zo’n 60 km van huis werkt. Maar ook niet onoverkomelijk, als ge kijkt wat andere mensen in het weekend bij elkaar fietsen.

Maar. Twee problemen: de fiets en de route.

De route alleen zoeken, dat zag ik niet zo zitten. Gelukkig was er een paar weken geleden een oproep op onze intranetsite van het GMF. Dat ze een Bike-after-work organiseerden en dat iedereen mocht aansluiten. Leutig. Ik had nog een collega die dat ook al lang eens wou doen, en die zag dat meteen zitten om mee te gaan.

De fiets: ik heb een goeie fiets, daar niet van. Maar het is een zware trekkingfiets waar ik niet bepaald snel mee kan rijden (kosten aan het versnellingsapparaat) en voor zo’n afstanden is dat toch wel nodig, vind ik. Bovendien is hij dus nogal lomp en zwaar (18 kilo!), niet meteen handig om mee te nemen op de trein. Maar! Een paar weken geleden reed ik eens met de fiets naar mijn broer (17 km) en ik vond dat zo leutig dat ik een oproepje had gezet op fb dat ik droomde van een koersfiets en waar ik moest op letten en al. Gelukkig was er Johan, die hem net een nieuwe supersonische machine gekocht had en zijn oud bakske wel wou slijten aan mij. Perfect kader, perfect startprijsje, ikke blij. Maar er moesten wel andere pedalen op, want klikpedalen, dat zag ik niet zitten. Daar zou ik zo mee omvallen. Gewone pedalen werden er geïnstalleerd… de dag voor ik aan het tochtje Brussel-Gent zou beginnen. Op donderdagavond dan nog snel twee proefritjes gedaan (34 km) en op vrijdagmorgen had ik de fiets mee op de trein naar Brussel.

Ne koersvelo! Kan ik nog wat meer fietsen/sporten! #bike

En hup om kwart na vier, wij weg. Collega Bart had zijn koersfiets net iets langer dan ik (drie weken of zo) dus we waren beiden niet echt ervaren. Maar dat hoefde niet, er reden evengoed mensen mee met een gewone fiets, dus het was echt niet zo dat we ons in een wielerpeloton begaven.

... en over Vlaamse kerkwegels III

Eerst werden we Brussel uitgeleid door een ervaren Brusselfietser. Ik fiets regelmatig in Brussel, maar daaraan merk je wel dat Brussel nog minder fietsstad is. Minder voorzieningen en chauffeurs zijn ook niet zo voorzien op fietsers. Het betert wel langzaamaan (de voorzieningen) maar nog veel werk aan de winkel. En de chauffeurs, als die zo’n groep fietsers zien (we waren met 17) dan stoppen die wel. Maar toch, blij dat we Brussel uitwaren en wat minder draaien en keren en stoppen.

We fietsten via de knooppunten. Hele mooie fietswegen. Zalig echt, amper verkeer tegengekomen.
Het tempo was perfect. Niet te snel, niet te traag. Er werd regelmatig gestopt om te wachten op de laatste, te drinken, wat te eten.
Het weer was ideaal. In het begin wat warm misschien, maar de fiets werkt dan wel verkoelend. Mooi weer gehad zonder al te verschroeiende zon.
De fysiek was goed. Ik ben wel wat gewoon om te fietsen natuurlijk en mijn conditie is tip top in orde met al dat geloop. Al waren er natuurlijk wel pijntjes. Zadelpijn en rugpijn vooral. Maar niets dat met een stopje af en toe niet weg te werken viel.

Photo

Op km 50 kwamen we aan de overzetboot van Schellebelle en daar deden we ook een terrasje. Perfect op tijd. En ideaal om daarna aan de resterende 20 kilometer te beginnen. Eindigen op het Scheldepad aan de Gentbrugse Meersen, me zeer bekend want daar loop ik vaak eens.

Er was dan toch nog een attractie voorzien: het veer van Schellebelle - én het terras aan de overkant

De dag nadien was er géén spierpijn, de zadelpijn was ook niet voelbaar in dagelijkse activiteiten. Alleen de rug was eventjes geblokkeerd maar na een uurtje in de hangmat was dat ook gepasseerd. Zeker voor herhaling vatbaar! Op 4 september is er een nieuwe date. Wie gaat mee?

Meer sfeerbeelden: hier!

Fietsen: een paar tips om te fietsen met kinderen

In navolging van mijn eerder artikeltje over fietsen: nu specifiek over fietsen met kinderen…

Wees een dictator op de fiets. Kinderen. Ik weet niet hoe het met de uwe zit, maar de mijne luisteren echt niet altijd van de eerste keer naar wat ik vraag. Maar in het verkeer is dat duidelijk, er is meteen ingepompt dat er in het verkeer niet onnozel gedaan wordt. Dat ze meteen moeten luisteren naar wat ik vraag/zeg/eis. En ze doen dat (meestal). Ook het vriendinnetje van Janne, dat iedere week mee rijdt naar de balletles, weet dat ondertussen. Het kind stopt meestal niet met ratelen op de fiets, maar als ik iets vraag, doet ze het ondertussen wel meteen.

Let op in de kinderen hun plaats. Let niet op de vieze plekken op de gezichten en kleren van de kinderen. Dat zijn details. Duizend ogen moet je hebben in het verkeer. Gefocust en attent zijn. Alle mogelijke situaties kunnen inschatten. De verhalen die mijn kinderen op de fiets vertellen, gaan vaak het ene oor in, het andere oor uit, omdat ik me in de eerste plaats concentreer op het verkeer. Al kan ik beiden ondertussen wel goed combineren, zeker op routes die we vaak doen.

Zeg ook voortdurend aan je kinderen waar ze moeten op letten en leg uit waarom “Hier moet je vertragen, want uit die straat kunnen auto’s komen”. “Altijd aan de rechterkant van de weg blijven, ook in bochten. Elk heeft zijn plaats in het verkeer, dat is ons plaatsje”. Enzovoort. Herhaal dat ook vaak, ja, zelfs iedere dag.

Waarschuw kinderen op voorhand Zeker als je een weg neemt die je nog nooit eerder gedaan hebt. “Straks komen we aan een groot druk kruispunt. Ik wil dat je dan goed oplet en goed luistert naar mij”. Janne antwoordt dan meestal: “Joepie, moeilijke dingen, dat vind ik veel leuker, dat is pas een uitdaging!”

Als het de eerste keer is dat kinderen echt in het verkeer gaan, eens oefenen op een rustig moment, zoals op zondag. Of in de vakantie, dan heb je soms wat meer tijd. En als je een vast traject moet doen, zoals naar school fietsen, vooraf een keertje oefenen in het weekend. Of je kan ook je looptenue aandoen en meelopen, dat corrigeert gemakkelijker. En je krijgt bewonderende blikken op school gratis erbij :-)

2015-06-04_1433400012

Rij naast je kind. Maak je groot. Waar dat niet mogelijk is, stuur ik mijn kind meestal voorop (“Janne, gij eerst, en aan de kant blijven, hé”).

Zorg als een leeuwin voor je kinderen. Eis je plaats op. Ik ga soms echt in het midden van de straat rijden om mijn kinderen te beschermen. Dan moeten de auto’s maar wat wachten of vertragen. En dan lach ik lief naar ongeduldige chauffeurs. En meestal valt het nogal mee met die boze chauffeurs, hoor. Ik vind de automobilisten behoorlijk hoffelijk als ze zien dat ik met kinderen op stap ben. Ze laten me al rapper eens door. Waarvoor dank.

Blijf kalm en beheerst. Niet beginnen gillen als het niet nodig is. Als je zelf met schrik fietst, ga je dat zeker en vast over zetten op je kinderen. En dat is zeker en vast nergens goed voor. Daarom: ga zelf ook meer fietsen zodat je meer ervaring krijgt. Pas op, soms roep ik ook in het verkeer. Maar dat is dan enkel als het echt nodig is en ik wil dat ze meteen stoppen. En dat is niet altijd op mijn dochters bedoeld. :-)

Door kinderen zo vroeg in het verkeer te gooien, kweek je weerbaarheid en krijgen ze geen onnodige angsten. Later leren fietsen is veel moeilijker dan er vroeg aan beginnen.

Voor beginnende fietsertjes kan ik ook de follow-me aanraden. Je kan ze dan deels zelf laten fietsen, deels aan jouw fiets koppelen. Ik schreef er al eerder over.

Dat klinkt allemaal heftig en al, maar hé, dat gaat heel goed hier. Enkele dagen geleden reed Sien voor het eerst helemaal alleen naar school. En ze deed dat prima!

En zo fietste de ieniemienie ook helemaal alleen naar school. #sien90210 #bike #fiets #korteritten

Met tijd en geduld kun je de grootste apen van kinders veilig leren fietsen. Ik ken er zo :-)

En onthou wat de juf van Janne zegt: “Ideaal fietsen nu. De auto’s staan toch stil.” Heerlijk.

Fietsen: tips & tricks (1)

Oké, ja, wie me een beetje kent, weet ik een beetje fietsgek ben. Zeker in de stad doe ik alles liever met de fiets dan met de auto. Ook met de kinderen, ja, die zijn ondertussen al gebrainwashed door mij. “Ja, fietsen is veel gezonder hé, dan zo in de auto zitten. Wij doen ondertussen ook aan sport hé, mama!” en ook: “Wij zijn veel sneller hé, mama, want wij moeten niet in de file staan en geen parkeerplaatsje zoeken.” Of ook wel: “Wat wij doen, is goed voor het milieu, hé”. Ha!

Ik probeer daarin aanstekelijk te zijn voor mijn niet-fietsende vrienden, maar waar ik nogal aanstekelijk lijk te werken voor bijvoorbeeld lopen, lijkt dat minder goed te werken voor fietsen. Helaas. Want fietsen heeft een pak voordelen. En we denken tegenwooridg toch allemaal ecologisch? Allerlei excuses komen dan op tafel waarom fietsen niet lukt, maar heel vaak merk ik dat het een beetje angst voor de fiets in het verkeer is. Het verkeer, waar zij als auto uiteraard ook deel van uitmaken. Bang met kinderen, maar even goed zonder kinderen.

Daarom geef ik als jarenlange expert in het (stads)fietsen graag een paar tips & tricks mee.

1. Zorg dat je gezien wordt En daarmee bedoel ik niet dat je als een flikkerende kerstboom door de stad moet rijden. Pas op, ’s winters als het donker is zal ik dat wel doen, lichtjes overal en fluohesjes aan. Maar op een heldere dag zie ik het nut van een fluohesje niet in. Uiteindelijk rij ik meestal als het licht is. Maar wat ik wel bedoel is: maak je groot en zorg ervoor dat de chauffeurs je zien.

2. Maak oogcontact met de andere verkeersdeelnemers (zowel automobilisten, fietsers, voetgangers dus). Een hele belangrijke dat. Je bent pas zeker dat ze je gezien hebben als je oogcontact maakt met de andere. Aan de blik/gebaren van de andere chauffeur kan je vaak ook uitmaken of je kan doorrijden of beter meteen stopt. Als de blik stuurs is en ze kijken je niet aan: stop dan maar beter. Krijg je een knikje of teken: steek dan in alle veiligheid over. Als je twijfelt kan je maar beter stoppen. We nemen geen risico. De oogcontactregel is er éne die ik zowel met de auto, fiets als voetganger gebruik.

3. Maak zelf ook duidelijk wat je wil/gaat doen. Uw ogen kunnen boekdelen spreken. “Ik eerst!” bijvoorbeeld. Of “Pas op, er fietsen kinderen naast mij”. Ja, ik kan dat allemaal zeggen met mijn ogen, ja. Met mijn indringende fietsblik. Als dat niet lukt, begin ik wel te zwaaien. Pas in laatste instantie begin ik te roepen.

4. Wees assertief, maar beleefd. Eis uw plaats op in het verkeer, echt, je bent een volwaardige gebruiker van de weg. Maar als er u een vriendelijke automobilist doorlaat, ook als je eigenlijk geen voorrang hebt, zeg dan zeker “Bedankt”. Steek uw hand eens op, geef een vriendelijk knikje. Dan doen ze dat de volgende keer misschien opnieuw. Is het niet voor u, dan wel voor een andere fietser. Een vriendelijk gebaar, iedereen wordt er beter van.

5. Drukke wegen? Dat is omdat je je concentreert op de route die je normaal neemt met de auto. Kijk eens op de kaart of zo en zie dat er veel betere/veiligere alternatieven zijn. Die veel aangenamer fietsen. Soms zonder auto’s zelfs. In Gent heb je een aantal fietssnelwegen (Melle/Merelbeke, Wondelgem, …) Wedden dat je sneller bent dan met de auto?

6. Ver? Zie hierboven. Het is niet omdat je met de auto de hele stad moet rondrijden dat je dat met de fiets moet doen hé. Shortcuts. Lekker binnendoor. Je ziet nog eens iets leutigs. Heerlijk. Het is niet omdat het met de auto ver is, dat het met de fiets ver is.

7. Is het echt te ver? Overweeg dan een elektrische fiets. Ja dat kost wat, maar dat haal je er snel uit. Nu heb ik er geen, dat is wat overdreven voor mijn korte afstanden in de stad. Maar als ik iedere dag 15 à 20 kilometer zou moeten fietsen, ik zou niet twijfelen. Of indien nog verder is een combi openbaar vervoer-plooifiets misschien wel iets?

8. Regen? Dat valt best nogal mee, hoor. Als je ver gaat fietsen, kun je regenkledij kopen. Nooit elegant, maar het hoeft niet duur te zijn (check Hema, Decathlon, …) . Zelf fiets ik meestal niet zo ver en ik gebruik weinig specifieke regenkledij. ’s Morgens kijk ik of het regent en dan kleed ik me daarnaar. Als ik ’s avonds onverwacht met een nat pak thuis kom… tja, dan doe ik gewoon verse kleren aan. Simpel toch?

9. Als je niet gewoon bent om te fietsen, of het is pakweg van je tienerjaren geleden: oefen eerst wat. Ga eens wat fietsen op zondagmiddag of op rustige momenten. Verken de straten, verken de buurten. Verken je fiets en kweek fietsvaardigheden.

10. Ooh ja. Iedere fietsbeurt telt Maar het is niet omdat je meestal met de fiets gaat, dat je het nooit meer met de auto mag doen. Er bestaan altijd omstandigheden waarin het interessanter is om met de auto te gaan. Maar geef toe: soms/vaak zou het toch wel eens lukken met de fiets? Ewel? Waar wacht je op?

En dan hoop ik dat ik een beetje aanstekelijk gewerkt heb. Allez toe. Probeer het eens. Het wordt schoon weer (hoop ik), het is echt dé moment bij uitstek om het een (paar) kans (en) te geven. Echt, ge gaat versteld staan. Het is heerlijk.

Peloton

Allez hop, nog eens de voordelen van fietsen op een rijtje:
1. geen file. Echt, ik word zot van in de file te staan. Nergens voel ik me meer opgesloten als in een auto in een file.
2. geen parkeerplaats zoeken. Tenzij je zo één van die geluksvogels bent die altijd knal voor de deur kan parkeren. Oeps, in de stad kan dat niet.
3. veel goedkoper. Geen parkeergeld, geen benzine, geen verzekering. Tel maar eens op. Voor de prijs van één groot onderhoud van een gemiddelde wagen koop je een degelijke nieuwe fiets waar je gemakkelijk een jaar of tien mee verder kunt. Onderhoudskosten van de fiets zijn verwaarloosbaar in vergelijking met de kosten voor een auto.
4. je kan er geld mee verdienen. Check eens de voorwaarden op uw werk, tegenwoordig kan je vaak fietsvergoeding krijgen. Dubbele winst: minder kosten, meer opbrengsten.
5. je doet er sport mee. Bij mij valt dat nogal mee, maar mijn broer en schoonzus bijvoorbeeld, die fietsen elke dag van Oosteeklo naar Gent (25 kilometer enkel) (met een elektrische fiets). Mijn broer is 15 kilogram afgevallen sedert hij dat doet.
6. oh ja, het is ook nog goed voor het milieu. En voor de leefbaarheid in de stad. Ook niet onbelangrijk!

Dit was deel 1. Binnenkort een paar tips over fietsen met kinderen.