Lopen op reis. Het blijft een moeilijke combi.

Een weekje terug van een heerlijke vakantie van drie weken in Italië.

Ik had mijn loopkleding mee, want met een marathon in het verschiet en een strak trainingschema op mijn bureau is dat eigenlijk wel de bedoeling.

Maat het is weer niet gelukt. Het is te zeggen: ik heb drie keer gelopen. Op drie weken tijd.Terwijl ik normaal gezien drie of vier keer keer per week loop.

Lopen op reis en ik: het gaat niet goed samen. Mijn excuses deze keer:

Dag 1: Gent-Vesoul: lopen was niet van nodig, want ik had de dag ervoor nog 20 km gelopen. Recuperatie dus.

Dag 2: Vesoul-Como. Als ik slim geweest was, dan had ik ’s morgens in Vesoul gelopen. Maar dat is er niet van gekomen. Aangekomen in Como (Brunate eerder) was het 37 graden en zaten we op een hele steile berg. Ik had nog maar net de stress overleefd van daar op te rijden. Steile haarspeldbochten en een break: niet altijd een eenvoudige combinatie.

Dag 3: doorgereden naar Lucca. En daar heb ik gelopen. Ha ja, dat stond hoog op mijn wishlist. In mijn herinneringen heb ik daar nooit gelopen, maar als ik zoek op mijn blog staat er dat ik daar wel degelijk gelopen heb op huwelijksreis. Alleszins: ik moest en ik zou lopen op die stadswallen. Geweldige ervaring! Ik denk niet dat je daar ooit genoeg van kunt krijgen. Ik deed er twee rondjes en liep nog eens over de arena om mooi af te sluiten.

Untitled

Dag 5-20 ongeveer verbleven we in Villa Badia. Geweldig huis, geweldige plek, echt, ik kan het iedereen aanraden. Comfortabel huis en een zwembad met een fantastisch uitzicht. Het was de tweede keer dat we er verbleven maar ooit keer ik er nog eens terug. Maar: de hel om te lopen. Of toch zeker als je niet houdt van trail, zoals ik. De eerste kilometer gaat het door een bos waar er horden, maar echt horden dazen en ander vliegend gespuis op u afkomen. Ik had een petje mee en liep als een waanzinnige te meppen naar dat ongedierte. Gelukkig kon niemand me zien. Dan ging het steil bergaf. Maar echt steil. Zo steil dat het niet meer plezant was. Dan een stukje mooi vlak en dan een heel stuk vlak, maar langs een drukke weg. Vreselijk vind ik dat. Enfin, ik was dan beneden, ik ben dan maar eens doorgelopen naar het begin van de brandhaard (dat vertel ik dan nog wel eens). En dan weer terug. De berg op. Zo steil dat lopen niet ging. En dan kom je weer in dat bos met die verdomde beest. Aaarghh. Trail. Het is dus echt niets voor mij, dat is dan weer duidelijk. Meteen besloten dat ik dat geen twee keer ging doen en veel andere opties waren er niet. Het was er bloedheet en op vakantie zet ik niet graag mijn wekker om dan voor dag en dauw op te staan. En dan zou ik moeten rijden hebben naar een plek waar vlak lopen op rustige wegen wel kon en geen idee hoe ver ik daarvoor zou moeten rijden.

Umbrië wordt wakker #badiaprut #running #veeltesteil #veelteveelbeesten #geenmooieweg #welmooiuitzicht

Dag 21. De laatste dag, op terugrit naar huis. Overnachting in Mulhouse. Het is er plat en er was water om langs te lopen. Raar dat daar zo weinig volk liep. Maar goed, ik heb er ondertussen mijn kilometertjes toch gedaan.

Hardlopen in Mulhouse. Vlak en niet te warm. Echt zoals ik het graag heb. Wel een rare stad. Maar bon. Vanaf nu weer tandje bijsteken. #marathongent #mulhouse #badiaprut #running

En ondertussen thuis toch al een paar trainingen met wisselend succes afgewerkt. De lange van 24 km ging goed, de 10 km training in zone 3 was een ramp.

Mja, marathon 3. Het wordt sowieso al de marathon met de minst goeie voorbereiding…

Terugblik – vooruitblik

Ik heb nu dus twee marathons gelopen. Hoewel ik beide heel erg koester waren ze erg verschillend. Een overzichtje.

Rotterdam: erg veel deelnemers (17.000), niet zo’n bijzonder mooi parcours. Wel veel supporters aan de kant, voor als je dat belangrijk vind.

Verdi was in alle opzichten zowat het tegenovergestelde: weinig deelnemers (een kleine 600 aan de marathon), maar wel een bijzonder mooi parcours. Niet zo heel veel supporters aan de kant, maar dat is dus iets wat ik niet zo belangrijk vind. Al is het altijd wel leuk natuurlijk als je uw geliefden eens aan de kant ziet staan!

Maar als loper heb ik een absolute voorkeur voor de tweede soort marathon: weinig deelnemers, maar toch nog genoeg. Want in Rotterdam was het soms erg druk. Dat je in de eerste kilometers moet hossen en springen en zorgen dat je niet omver gelopen wordt: dat weet je eigenlijk wel. Maar omdat ik toen in de laatste wave zat heb ik erg veel van de lijken opgeraapt van de vorige waves. Zwalpende mensen die niet meer verder konden. Begrijpelijk, maar niet zo leuk, want dat maakte dat ik op kilometer 38 nog moest springen om mensen te ontwijken. Op een moment dat je zelf ook niet meer zo fris zit.

Ik had een beetje schrik wel, voor een kleine marathon, dat we snel helemaal alleen zouden lopen. Zou in ons geval nog meevallen dus, want ik zou sowieso gezelschap hebben. Maar het viel eigenlijk de hele tijd goed mee, want er liep altijd behoorlijk wat volk in ons buurt. En je hebt plaats. Je kan je eigen looplijn kiezen. Dat is eigenlijk nog wel een gemak. De sfeer, de gezelligheid daar… Misschien overromantiseer ik het een beetje, omdat het voor mij dé perfecte verjaardagsmarathon was. Maar echt. Ik zou zo weer de Verdi meedoen eigenlijk, al heb ik gezegd dat ik nooit twee keer dezelfde marathon zou lopen. Nu ja goed, we zien nog wel.

16997704_1700282950263260_4830296529848993098_n

Op kilometer 38-40 dacht ik zowat: “jaja Lien, het is nu wel goed geweest, zo met uw twee marathons. Je hebt bewezen dat je het kan, iedereen weet dat nu. Veel beter dan dit zul je niet kunnen, dus je kunt beter stoppen op je hoogtepunt. En een andere uitdaging zoeken.” Dat was toen. Amper 10 dagen later was ik al op zoek naar een nieuwe marathon. Want ernaar zoeken is de helft van de fun :-)

Geen idee of dat nog voor dit jaar of voor volgend jaar zal zijn. Ik had wel al een paar ideetjes. Maar goed, nu gaan ze blijkbaar nog een marathon doen in Gent, dus dat is ook het onderzoeken waard. Eind oktober, dat had gerust een maandje later gemogen want ik loop niet graag in de zomer en dan moet je toch al beginnen trainen in augustus. Enfin, we zien nog wel.

Voor nu: Femke doet mee aan de Vlaamse Ardennenloop (7 mei), en ik zou dat eigenlijk ook wel zien zitten, ook al is dat buiten mijn comfortzone (trail!). Maar dan is het wat twijfelen tussen de 15 km en de 26. Het is een halve trail, met behoorlijk wat hoogtemeters (zeker omdat ik dat niet gewoon ben), dus misschien dat 26 km dan wat veel is. Zeker omdat april ook geen toptrainingsmaand zal worden omdat ik dan nog een boek moet schrijven. Oh ja, had ik dat hier al verteld, dat ik nog een boek schrijf? Enfin, daar volgt dan nog wel eens een berichtje over. Maar goed: extra argument voor de 26 kilometer is dat we dan aan Joeri zijn achterdeur passeren. Nog te bekijken hoe het met Femke haar knie zal gaan, want sedert na de marathon heeft ze daar wat last aan. Meh. Stoppen met sporten is nergens goed voor!

Photo

En verder. Willen de meisjes meedoen aan de Stadsloop in Gent op 21 mei. Vanmiddag eens gaan trainen in het park. Sien is dat snel beu, maar Janne wou blijven gaan. Tot we vriendinnekes tegen kwamen uiteraard. Enfin, het idee groeide om Sien (7 jaar) de kids run te laten doen (1 km) en met Janne (9,5 jaar) samen de 5 kilometer te lopen. Ze is eigenlijk al lang vragende partij om eens een echte loopwedstrijd te mogen meedoen. Ik heb nu twee maanden om haar geleidelijk aan klaar te stomen. En dat lijkt me zo super gezellig, om samen met haar de 5 kilometer te lopen. Ik zie er al naar uit!

Mom runs the city

Een oproep van Mom runs the city, dat ze met andere mama’s andere plekken in Vlaanderen wou verkennen. Dat zag ik dus wel zitten. Ze moest wel even wachten tot na de marathon, want een gewoon loopje, dat kreeg ik niet in mijn schema geregeld.

Lien en Karin

Klein toertje gedaan maar, maar wel eentje waar ik dol op ben. Driekwart van mijn trainingen beginnen en eindigen langs daar. Met een klein omwegje door het centrum, ik loop ook ook al graag eens dwars door het centrum.

Napoleonbrug

Karin kent Gent goed, dus veel uitleg moest ik niet geven.

Achtervisserij

We stopten regelmatig, om foto’s te nemen. Maar dat vond ik wel leuk, zo heb ik ook eens deftige loopfoto’s van op mijn dagelijks parcours.

Jachthaven

Een loopfotograaf, dat zou ik eigenlijk nog wel eens willen. Eén die zo’n mooie foto’s maakt van u, alsof ze net geplukt zijn uit een Nike reclame. Meestal sta ik nogal erg slecht op de wedstrijdfoto’s :-)

Veermanplein

Waarna we lekker gingen eten in de Franz Gustav. Geslaagde loopdate!

Het volledige verslag lees je hier.

(Geen) Avondloper

Ik ben niet zo’n avondloper. Meer nog: ik loop nooit ’s avonds. Ik heb het geluk dat ik het merendeel van mijn trainingen voor het middageten kan afwerken. Ik doe dat ofwel op woensdagochtend, dan werk ik niet. Of mijn lunchloopjes. Of in het weekend, al gebeurt het dan wel al eens dat ik op zaterdagmiddag loop, na het middageten dus. Maar dus meestal voor de middag, en nooit ’s avonds.

’s Avonds kom ik terug van een werkdag of een andere drukke dag. Kinderen eten geven, in bed steken. Meestal doe ik daarna nog wel iets, maar dat is dan eerder huishoudelijk of hobby. Maar niet te actief, om te gaan lopen kan ik mezelf dan echt niet meer opladen. Bovendien loop ik niet graag in het donker.

Maar gisterenavond was het anders. Gaan lopen in Brussel over de middag was geen optie, want een training van 16 km, daar ben ik toch al snel anderhalf uur mee bezig. Net iets te lang voor een middagpauze dus :-). Peter kon de kinderen van de vakantieopvang halen, ik kon snel naar huis gaan, schoenen aandoen en meteen vertrekken.

Via de Gaardeniersbrug naar Bourgoyen. Ooh ooh wat is het daar toch mooi. Iedere keer als je daar komt is het daar anders. En gisteren was de eerste keer dat ik daar was bij valavond. Prachtig! Doorsteekje gezocht naar Blaarmeersen, want volgende week toon ik aan Evelien alle mooie loopplekken van Gent dus moest ik nog een doorsteek vinden van Bourgoyen naar de drieleienroute. Komt in orde dus.

De Bourgoyen bij vanavond. Wondermooi. #running #runstagram #gent #interval

Nu wel een stuk watersportbaan gedaan en langs de Vissersdijk teruggekeerd. Ik heb dat stukje al duizend keer gelopen, maar ik wist niet dat het daar zooo donker was eens het euh helemaal donker geworden is. Als ik meer ’s avonds ga lopen misschien toch maar een lamp overwegen want nu heb ik dat compleet op gevoel gelopen. Donker!!!

Er stond een 4*3 km in zone 3 op het programma, met ertussen een kilometer in rust. Een stevige, maar héérlijke training om het weekend in te zetten. Zalig!

Midwinternachtrun 2015

De rug. Op vrijdag had ik mijn ticket voor de Midwinternachtrun in Gent nog te koop aangeboden op facebook. Maar toen zei mijn nicht (ge weet wel, die van de fenomenale camping) dat er bij haar pijnlijke ruggen meestal op dag 6 een miraculeuze kentering komt en dat ze een schietgebedje ging doen vanuit Tenerife. En een uur later begon het plots beter te gaan.

Op zaterdag voelde de rug broos en stijf, maar het ging wel en ik kon zelf al weer een beetje op een stoel zitten. Dus begon ik te denken om toch mee te lopen. En zondag ging het nog wat beter.

Ge moet weten: de midwinternacht, die vertrekt zowat op 500 meter van mijn deur, in mijn favoriete park. Mijn wederhelft presenteert dat. Mijn nichtje (een andere, Leen), die ging meelopen. Tante en nonkel kwamen mee en gingen eerst naar ons komen. Mijn mama ging ook komen en op de kindjes letten. En Nike kwam ook supporteren. Allez, het was dus echt wel een kwellende gedachte om niet te mogen meelopen.

Heerlijke avond. Op het gemakske mee met mijn nichtje gelopen. Geen pijn in het rugske, enorm veel sfeer. En erna nog een gezellige babbel thuis. #midwinternachtrun #running #run #gentloopt #runfie #runstagram

Dus was het plan: we zien wel. Starten en zien waar we uitkomen. Pijn = stoppen en terugkeren. Geen snelle tijd willen neerzetten, gewoon genieten van sfeer, gezelschap, parcours.

Vertrekken, lopen, en gewoon bij Leen blijven. Ondertussen was ik gids in Gent en vertelde ik één en ander. Mooi parcours, helemaal anders dan vorig jaar, geen smalle doorgangen meer en op geen enkel moment een opstropping gehad. Ik was eigenlijk behoorlijk onder de indruk van het bussluissysteem, ik had het nog nergens eerder gezien. In het midden van de weg een sluis voor de bus, lopers eerst langs de voorkant van de bus, bus in sluis, volgende lopers werden langs achterkant van de bus geleid, busje kon door. We maakten zo’n wissel mee en dat leek behoorlijk goed te werken. Geniaal gevonden!

Even getwijfeld of ik alleen zou verder lopen, want had soms wel zin om harder te vlammen. Maar hé, een toptijd zou ik toch niet lopen, ik wou me al helemaal niet forceren en vlugger lopen = forceren. En het was wel gezellig en het leek me wel leuk om Leen naar een PR te begeleiden. We deden er 1:03:21 over, voor Leen was dat een PR, 3 minuten beter dan vorige week. Afstand was wel iets korter dan 10 km, maar goed. Ik kan dat momenteel zeker tien minuten sneller lopen, maar hé, ik heb niks geforceerd en ik heb me ontzettend geamuseerd. Best wel eens leuk, zo op het gemak een wedstrijd lopen en iemand begeleiden, eigenlijk. En opluchting, dat het toch zal meevallen met de rug. Want echt, ik had al efkes gevreesd voor de marathon. Maar het komt wel goed.

En daarna nog een gezellige avond gehad in de Sleepstraat! We onthouden vooral Tante Krista die koffie dronk uit de kopjes die van bij oma kwamen. Ze was er echt van aangedaan :-) Topavond!

Nog geen vakantie, gelukkig wel leuke weekends.

We gingen op bezoek naar het nichtje die in Gent is komen wonen en genoten onderweg van het mooie zicht vanop de brug over de Nieuwevaart. Enkel te bezichtigen met de fiets of te voet!

Vaart

Op zaterdagmorgen wou ik de kindjes afhalen in Eeklo bij mijn mama. Die hadden er een topweek opzitten van overal logeren: bij de schoonmama, bij Ine en bij mijn mama. Bedankt allemaal trouwens. Ik ging met de fiets naar Eeklo rijden en dan terug met de trein. Sportactiviteiten aan het nuttige koppelen, noem ik dat. Dolblij dat ik het systeem met de fietsknooppunten snel door had. Gelijk een echte een papierke met de nummers op mijn fietsbuis geplakt. Wat een gemak zeg eigenlijk. Een fietsgps heb ik dus niet meteen nodig. En wat een wondermooie fietspaden bestaan er toch in Vlaanderen. Maar goed, af en toe is er een putteke in de weg, dat ik niet gezien had omdat ik naar het bordje van de knooppunten aan het kijken was. .

Put aan knooppunt 34. Doeme toch! #knooppunt #bike #bikelife

Les geleerd: ge moet altijd een reservebandje bij hebben. Gelukkig was er mijn nichtje en haar man, die niet zo ver woonden en kennis en gerief hadden om mijn fietske te herstellen. Helden! En zo heb ik geleerd hoe ik een band zou moeten vervangen als het er nog eens zou van komen.

’s Avonds vrienden op bezoek. En één van de redenen waarom ik nooit volledig vegetariër zal worden: mosselkes. Lekker jom.

Topcombo!

Zondagmorgen dan lopen (kleine 13 km) en erna een big jump. De man was van reporter, de Merelbeekse vriendjes kwamen ook en mochten een woordje zeggen op de radio. En er werd gezwommen, natuurlijk.

The Big Jump #gent

Om dan ’s avonds nog op het onverwachte vriendjes op bezoek te krijgen die maar heel efkes gingen blijven… Maar het draaide anders uit. Heerlijk toch, onverwachte bezoekjes?

Fietsen: een paar tips om te fietsen met kinderen

In navolging van mijn eerder artikeltje over fietsen: nu specifiek over fietsen met kinderen…

Wees een dictator op de fiets. Kinderen. Ik weet niet hoe het met de uwe zit, maar de mijne luisteren echt niet altijd van de eerste keer naar wat ik vraag. Maar in het verkeer is dat duidelijk, er is meteen ingepompt dat er in het verkeer niet onnozel gedaan wordt. Dat ze meteen moeten luisteren naar wat ik vraag/zeg/eis. En ze doen dat (meestal). Ook het vriendinnetje van Janne, dat iedere week mee rijdt naar de balletles, weet dat ondertussen. Het kind stopt meestal niet met ratelen op de fiets, maar als ik iets vraag, doet ze het ondertussen wel meteen.

Let op in de kinderen hun plaats. Let niet op de vieze plekken op de gezichten en kleren van de kinderen. Dat zijn details. Duizend ogen moet je hebben in het verkeer. Gefocust en attent zijn. Alle mogelijke situaties kunnen inschatten. De verhalen die mijn kinderen op de fiets vertellen, gaan vaak het ene oor in, het andere oor uit, omdat ik me in de eerste plaats concentreer op het verkeer. Al kan ik beiden ondertussen wel goed combineren, zeker op routes die we vaak doen.

Zeg ook voortdurend aan je kinderen waar ze moeten op letten en leg uit waarom “Hier moet je vertragen, want uit die straat kunnen auto’s komen”. “Altijd aan de rechterkant van de weg blijven, ook in bochten. Elk heeft zijn plaats in het verkeer, dat is ons plaatsje”. Enzovoort. Herhaal dat ook vaak, ja, zelfs iedere dag.

Waarschuw kinderen op voorhand Zeker als je een weg neemt die je nog nooit eerder gedaan hebt. “Straks komen we aan een groot druk kruispunt. Ik wil dat je dan goed oplet en goed luistert naar mij”. Janne antwoordt dan meestal: “Joepie, moeilijke dingen, dat vind ik veel leuker, dat is pas een uitdaging!”

Als het de eerste keer is dat kinderen echt in het verkeer gaan, eens oefenen op een rustig moment, zoals op zondag. Of in de vakantie, dan heb je soms wat meer tijd. En als je een vast traject moet doen, zoals naar school fietsen, vooraf een keertje oefenen in het weekend. Of je kan ook je looptenue aandoen en meelopen, dat corrigeert gemakkelijker. En je krijgt bewonderende blikken op school gratis erbij :-)

2015-06-04_1433400012

Rij naast je kind. Maak je groot. Waar dat niet mogelijk is, stuur ik mijn kind meestal voorop (“Janne, gij eerst, en aan de kant blijven, hé”).

Zorg als een leeuwin voor je kinderen. Eis je plaats op. Ik ga soms echt in het midden van de straat rijden om mijn kinderen te beschermen. Dan moeten de auto’s maar wat wachten of vertragen. En dan lach ik lief naar ongeduldige chauffeurs. En meestal valt het nogal mee met die boze chauffeurs, hoor. Ik vind de automobilisten behoorlijk hoffelijk als ze zien dat ik met kinderen op stap ben. Ze laten me al rapper eens door. Waarvoor dank.

Blijf kalm en beheerst. Niet beginnen gillen als het niet nodig is. Als je zelf met schrik fietst, ga je dat zeker en vast over zetten op je kinderen. En dat is zeker en vast nergens goed voor. Daarom: ga zelf ook meer fietsen zodat je meer ervaring krijgt. Pas op, soms roep ik ook in het verkeer. Maar dat is dan enkel als het echt nodig is en ik wil dat ze meteen stoppen. En dat is niet altijd op mijn dochters bedoeld. :-)

Door kinderen zo vroeg in het verkeer te gooien, kweek je weerbaarheid en krijgen ze geen onnodige angsten. Later leren fietsen is veel moeilijker dan er vroeg aan beginnen.

Voor beginnende fietsertjes kan ik ook de follow-me aanraden. Je kan ze dan deels zelf laten fietsen, deels aan jouw fiets koppelen. Ik schreef er al eerder over.

Dat klinkt allemaal heftig en al, maar hé, dat gaat heel goed hier. Enkele dagen geleden reed Sien voor het eerst helemaal alleen naar school. En ze deed dat prima!

En zo fietste de ieniemienie ook helemaal alleen naar school. #sien90210 #bike #fiets #korteritten

Met tijd en geduld kun je de grootste apen van kinders veilig leren fietsen. Ik ken er zo :-)

En onthou wat de juf van Janne zegt: “Ideaal fietsen nu. De auto’s staan toch stil.” Heerlijk.

Fietsen: tips & tricks (1)

Oké, ja, wie me een beetje kent, weet ik een beetje fietsgek ben. Zeker in de stad doe ik alles liever met de fiets dan met de auto. Ook met de kinderen, ja, die zijn ondertussen al gebrainwashed door mij. “Ja, fietsen is veel gezonder hé, dan zo in de auto zitten. Wij doen ondertussen ook aan sport hé, mama!” en ook: “Wij zijn veel sneller hé, mama, want wij moeten niet in de file staan en geen parkeerplaatsje zoeken.” Of ook wel: “Wat wij doen, is goed voor het milieu, hé”. Ha!

Ik probeer daarin aanstekelijk te zijn voor mijn niet-fietsende vrienden, maar waar ik nogal aanstekelijk lijk te werken voor bijvoorbeeld lopen, lijkt dat minder goed te werken voor fietsen. Helaas. Want fietsen heeft een pak voordelen. En we denken tegenwooridg toch allemaal ecologisch? Allerlei excuses komen dan op tafel waarom fietsen niet lukt, maar heel vaak merk ik dat het een beetje angst voor de fiets in het verkeer is. Het verkeer, waar zij als auto uiteraard ook deel van uitmaken. Bang met kinderen, maar even goed zonder kinderen.

Daarom geef ik als jarenlange expert in het (stads)fietsen graag een paar tips & tricks mee.

1. Zorg dat je gezien wordt En daarmee bedoel ik niet dat je als een flikkerende kerstboom door de stad moet rijden. Pas op, ’s winters als het donker is zal ik dat wel doen, lichtjes overal en fluohesjes aan. Maar op een heldere dag zie ik het nut van een fluohesje niet in. Uiteindelijk rij ik meestal als het licht is. Maar wat ik wel bedoel is: maak je groot en zorg ervoor dat de chauffeurs je zien.

2. Maak oogcontact met de andere verkeersdeelnemers (zowel automobilisten, fietsers, voetgangers dus). Een hele belangrijke dat. Je bent pas zeker dat ze je gezien hebben als je oogcontact maakt met de andere. Aan de blik/gebaren van de andere chauffeur kan je vaak ook uitmaken of je kan doorrijden of beter meteen stopt. Als de blik stuurs is en ze kijken je niet aan: stop dan maar beter. Krijg je een knikje of teken: steek dan in alle veiligheid over. Als je twijfelt kan je maar beter stoppen. We nemen geen risico. De oogcontactregel is er éne die ik zowel met de auto, fiets als voetganger gebruik.

3. Maak zelf ook duidelijk wat je wil/gaat doen. Uw ogen kunnen boekdelen spreken. “Ik eerst!” bijvoorbeeld. Of “Pas op, er fietsen kinderen naast mij”. Ja, ik kan dat allemaal zeggen met mijn ogen, ja. Met mijn indringende fietsblik. Als dat niet lukt, begin ik wel te zwaaien. Pas in laatste instantie begin ik te roepen.

4. Wees assertief, maar beleefd. Eis uw plaats op in het verkeer, echt, je bent een volwaardige gebruiker van de weg. Maar als er u een vriendelijke automobilist doorlaat, ook als je eigenlijk geen voorrang hebt, zeg dan zeker “Bedankt”. Steek uw hand eens op, geef een vriendelijk knikje. Dan doen ze dat de volgende keer misschien opnieuw. Is het niet voor u, dan wel voor een andere fietser. Een vriendelijk gebaar, iedereen wordt er beter van.

5. Drukke wegen? Dat is omdat je je concentreert op de route die je normaal neemt met de auto. Kijk eens op de kaart of zo en zie dat er veel betere/veiligere alternatieven zijn. Die veel aangenamer fietsen. Soms zonder auto’s zelfs. In Gent heb je een aantal fietssnelwegen (Melle/Merelbeke, Wondelgem, …) Wedden dat je sneller bent dan met de auto?

6. Ver? Zie hierboven. Het is niet omdat je met de auto de hele stad moet rondrijden dat je dat met de fiets moet doen hé. Shortcuts. Lekker binnendoor. Je ziet nog eens iets leutigs. Heerlijk. Het is niet omdat het met de auto ver is, dat het met de fiets ver is.

7. Is het echt te ver? Overweeg dan een elektrische fiets. Ja dat kost wat, maar dat haal je er snel uit. Nu heb ik er geen, dat is wat overdreven voor mijn korte afstanden in de stad. Maar als ik iedere dag 15 à 20 kilometer zou moeten fietsen, ik zou niet twijfelen. Of indien nog verder is een combi openbaar vervoer-plooifiets misschien wel iets?

8. Regen? Dat valt best nogal mee, hoor. Als je ver gaat fietsen, kun je regenkledij kopen. Nooit elegant, maar het hoeft niet duur te zijn (check Hema, Decathlon, …) . Zelf fiets ik meestal niet zo ver en ik gebruik weinig specifieke regenkledij. ’s Morgens kijk ik of het regent en dan kleed ik me daarnaar. Als ik ’s avonds onverwacht met een nat pak thuis kom… tja, dan doe ik gewoon verse kleren aan. Simpel toch?

9. Als je niet gewoon bent om te fietsen, of het is pakweg van je tienerjaren geleden: oefen eerst wat. Ga eens wat fietsen op zondagmiddag of op rustige momenten. Verken de straten, verken de buurten. Verken je fiets en kweek fietsvaardigheden.

10. Ooh ja. Iedere fietsbeurt telt Maar het is niet omdat je meestal met de fiets gaat, dat je het nooit meer met de auto mag doen. Er bestaan altijd omstandigheden waarin het interessanter is om met de auto te gaan. Maar geef toe: soms/vaak zou het toch wel eens lukken met de fiets? Ewel? Waar wacht je op?

En dan hoop ik dat ik een beetje aanstekelijk gewerkt heb. Allez toe. Probeer het eens. Het wordt schoon weer (hoop ik), het is echt dé moment bij uitstek om het een (paar) kans (en) te geven. Echt, ge gaat versteld staan. Het is heerlijk.

Peloton

Allez hop, nog eens de voordelen van fietsen op een rijtje:
1. geen file. Echt, ik word zot van in de file te staan. Nergens voel ik me meer opgesloten als in een auto in een file.
2. geen parkeerplaats zoeken. Tenzij je zo één van die geluksvogels bent die altijd knal voor de deur kan parkeren. Oeps, in de stad kan dat niet.
3. veel goedkoper. Geen parkeergeld, geen benzine, geen verzekering. Tel maar eens op. Voor de prijs van één groot onderhoud van een gemiddelde wagen koop je een degelijke nieuwe fiets waar je gemakkelijk een jaar of tien mee verder kunt. Onderhoudskosten van de fiets zijn verwaarloosbaar in vergelijking met de kosten voor een auto.
4. je kan er geld mee verdienen. Check eens de voorwaarden op uw werk, tegenwoordig kan je vaak fietsvergoeding krijgen. Dubbele winst: minder kosten, meer opbrengsten.
5. je doet er sport mee. Bij mij valt dat nogal mee, maar mijn broer en schoonzus bijvoorbeeld, die fietsen elke dag van Oosteeklo naar Gent (25 kilometer enkel) (met een elektrische fiets). Mijn broer is 15 kilogram afgevallen sedert hij dat doet.
6. oh ja, het is ook nog goed voor het milieu. En voor de leefbaarheid in de stad. Ook niet onbelangrijk!

Dit was deel 1. Binnenkort een paar tips over fietsen met kinderen.